Goede vrijdag 2016

Goede vrijdag 2016

Door Ad van Nieuwpoort

Goede Vrijdag 2016

Aan een klein meisje’ van Annie M.G. Schmidt:

Dit is het land, waar grote mensen wonen.
Je hoeft er nog niet in: het is er boos.
Er zij geen feeën meer, er zijn hormonen,
en altijd is er weer wat anders loos.

En in dit land zijn avonturen hetzelfde,
van een man en van een vrouw.
En achter elke muur zijn an’dre muren
en nooit een eenhoorn of een bietebauw.

En alle dingen hebben hier twee kanten
en alle teddyberen zijn hier dood.
En boze stukken staan in boze kranten
en dat doen boze mannen voor hun brood.

Een bos is hier alleen maar een boel bomen
en de soldaten zijn niet meer van tin.
Dit is het land waar grote mensen wonen…
Wees maar niet bang. Je hoeft er nog niet in.

Dit gedichtje van Annie MG Schmidt, 'Aan een klein meisje', dat ik onder ogen kreeg via mijn bevriende collega Marco Visser, trof me deze week. Het is gericht aan een klein meisje. Maar wie goed leest ontdekt al snel dat dat kleine meisje Annie MG Schmidt zelf is.

Het gedichtje raakt me omdat het verwoordt wat me deze week zo verslagen doet voelen. Ik kan er niets aan doen dat dit blijkbaar bij mij anders voelt dan al die aanslagen in Syrië, Irak en Turkije. Ik schaam me er ook een beetje voor. Maar zo voelt het nu eenmaal. Het is opnieuw na Parijs het gevoel dat dat Europa dat ik zo lief heb zijn onschuld kwijt is. En ook dat was natuurlijk al lang het geval. Maar toch nu dat gevoel.

Het is zoals mensen dat kunnen beleven als ze kanker hebben gehad. Het gevoel van: het kan zomaar weer terugkomen. En hebt heimwee naar die wolkenloze hemel. Naar die wereld waarin soldaatjes nog van tin waren en teddyberen echt. Een wereld die nooit bestaan heeft maar waar je kinderlijk naïef soms zo van dromen kunt. En het even weer voelt als bij een zonsondergang of een heerlijke avond met je geliefden of op de schommel met je kind. Dat gevoel van: er is niks aan de hand. En wat kan je opkikkeren van die laatste zin: Wees maar niet bang, je hoeft er nog niet in… Die echte wereld komt nog wel. Laten we het nog even uitstellen.

Toch kijkt het Passieverhaal die echte wereld recht in de ogen. We zien daar die messiasman gaan. Niet bepaald de 'feelgood-movie' die ervan gemaakt wordt. Het is de bitter rauwe werkelijkheid van de totale verlatenheid. De wereld wil dat visioen van Jezus niet. Dat levende woord van bevrijding moet worden geëlimineerd.  Omdat het eenvoudigweg de bestaande orde waarin wij zo op slot kunnen zitten op zijn kop zet. Omdat hij een vraag stelt die we liever overschreeuwen. Omdat hij ons wegroept op de plaatsen waar we liever blijven.

Daar gaat Jezus. Totaal verlaten. Zelfs zijn vrienden haken af. Stuk voor stuk. We zien hem worstelen in de tuin met de vragen die de onbeantwoorde vragen van ons allemaal zijn. Hij strijdt daar de strijd die wij helemaal niet aankunnen. Hij gaat dat aan waar wij voor weglopen. Eentje in dit hele heelal die de naam Jozua Jezus draagt.

Hier in dit verhaal wordt taal gegeven aan de dingen waar wij niet van kunnen slapen. We zien die kinderwagen in de vertrekhal staan. Stemmetjes die schreeuwen om hulp. Dat gewone leven verwoest door… Ja, door wat…? Het is waar massa's mensen voor op de vlucht zijn. Weg van die luchthavens en die metro's. Weg van die plaatsen waar het leven niet meer geleefd kan worden.

Wie gaat het aan? Wie heeft geen vuile handen? We staan klaar met onze standpunten en tweets en mooie commentaren. Maar wat zegt het? Het is allemaal zo makkelijk en zo goedkoop vaak. Ik doe er zelf aan mee.

En in dat onmogelijke dilemma zie ik nu die Messiasman zitten die in doodsangst is. Zijn zweet als druppels bloed die neervallen op de aarde. Midden in die diepe duisternis van vragen en worstelingen en schreeuwen en wat dan ook: daar zit hij. En het verhaal suggereert: hij zit daar namens ons. Hij doet wat wij niet kunnen. En precies daar in die doodsstrijd wordt het geheim aan het licht gebracht waar heel de Schrift van spreekt. Want midden in die doodsstrijd komt ineens die hemel in de gestalte van een engel naar beneden. Het is diezelfde engel van het Kerstverhaal die nog zo mooi riep: vreest niet! Diezelfde engel komt naar beneden om deze Messiasman te sterken. Het wil zeggen: die Mensengod is niet de oorzaak van alle dingen. Nee, het is een partijdig God die daar wil zijn waar die schreeuw klinkt. Die afdaalt in de diepste duisternis om koste wat kost daar het licht aan te steken. Daar een uitweg te banen van doodse chaos naar leven en liefde. Dát spoor wil getrokken worden in het  verhaal van die Messiasman aan het kruis. Een spoor van licht en leven door diepste donkerste diepte.

En waarom? Opdat wij niet te grabbel worden gegooid aan de wanhoop en de angst. Opdat wij weten dat die vragen die wij nauwelijks aankunnen  zijn gekend, gehoord en uitgeschreeuwd.

Waarom? Opdat we af en toe weer eens even dat kleine meisje worden uit dat gedichtje. En net als in het Brussel van na dinsdag met stoepkrijt op de straten krijten:

Liefde is sterker dan de dood.

Zoiets.

Ad van Nieuwpoort

Terug naar overzicht…